Vernichten

In december 2022 verscheen de Nederlandse vertaling van de hand van Martin de Haan bij de Arbeiderspers. Aangezien ik, ondanks het volgen van diverse cursussen, de Franse taal onvoldoende machtig was (en nog steeds ben) en omdat ik ongeduldig was, besloot ik januari 2022 de Duitse vertaling te gaan lezen, een vertaling die tegelijkertijd verscheen met het Franse origineel. Dit kan niet alleen begrepen worden door het feit dat er in Duitsland twee vertalers op gezet zijn; het moet zo zijn dat de Duitsers het materiaal eerder ontvangen hebben – of het komt doordat het slordige vertalers zijn, dat zullen we misschien nooit weten.

Het Duits leest niet moeilijk voor mij, hooguit moest ik af en toe even een woord opzoeken, zoals verwaist (verlaten), Gewürznelken (kruidnagel), der Kiefer (de kaak), Gaumen (gehemelte), mit einem Seufzer (met een zucht), Schollmund (pruillip), eine Lerche (een leeuwerik). De seksuele handelingen waren eenvoudig te volgen, opwindend te lezen – zelfs in het Duits.

Er zijn al wat recensies verschenen over “Anéantir” (de Duitsers vertaalden het met “Vernichten” en de mensen in het Nederlandse taalgebied snelden naar de boekwinkel voor “Vernietigen”). Het verhaal begint vanuit het gezichtspunt van Bastien Doutremond, met wie wij ons als lezer als vanzelf beginnen te vereenzelvigen, het lijkt weer een typisch Houellebecq personage. Maar dit blijkt misleidend, want hij verdwijnt al snel uit beeld. We schakelen vanaf hoofdstuk 3 (deel 1) over naar Paul Raison en dit wordt niet meer losgelaten. De roman bestaat uit zeven delen, met korte hoofdstukken. Het verhaal is traag, uitweidend, gedetailleerd. Aanvankelijk lijkt het om de presidentsverkiezingen van 2027 te gaan (Paul Raison is de rechterhand van een minister, Bruno Juge) en de strijd tegen een onbekende terroristische organisatie. We zijn getuige van de familiaire ontwikkelingen van Paul Raison, zijn vrouw Prudence (in hun huwelijk is een ijzige sfeer ontstaan, inclusief gescheiden koelkastindeling, heel toepasselijk in dit verband, maar later zal hun relatie opnieuw opbloeien en vele romantische hoogtepunten beleven), Pauls vader die in een coma belandt, andere familieleden… Het wordt een familieroman. Er worden allerlei actuele (Franse) zaken aan de orde gesteld: terrorisme, identitaire beweging, katholicisme, zorgstelsel, het verdringen uit de samenleving van het zichtbare lijden, te veel om op te noemen. Gaandeweg wordt de terroristische dreiging (culminerend in een aanslag op een vluchtelingenboot) overboord gegooid (alweer een toevalligheid in mijn bespreking) en blijven we de familie volgen. Kort en goed: Paul wordt ziek en gaat dood. Hij wordt vernietigd. Er worden geen eindjes aan elkaar geknoopt. De politiek, de terroristische dreiging staan los van het eigenlijke verhaal over lijden en sterven. “De ouderen sterven meestal alleen. Ze zijn gescheiden of waren nooit getrouwd; ze hebben geen kinderen of geen contact tot hen. Alleen oud te worden is al niet bijzonder fraai; maar alleen te sterven, dat is het ergste van alles.” Tot het einde toe blijft Paul een stijve krijgen, hetgeen hem zelf ook verbaast.

Ik ben mij ervan bewust dat deze recensie (?) niet al te best geschreven is. Ik wil nog wel zeggen dat het verhaal me vooral op het einde aangegrepen heeft. De dood ligt voor ons, maar we willen hem niet zien (dit zijn mijn woorden). De liefde zoals die wordt beschreven tussen Prudence en Paul is wat mij betreft hoopgevend. Houellebecq is er toch in geslaagd, ondanks het lijden en de naderende dood, ook de liefde en het geluk van een liefdevolle relatie te beschrijven.